N\ XVIII
(Voir page 238.) Résolution des Etats de Hollande du 30 Juin 1650 à praadio.
By den Raedpcusionaris ter Vergaderinge zynde genotificeert, M ) sijne Hoogbeid hem kennelyck hceft gemaakt, als dat hy descnM middag gaarne audientie soude hebben by haar Ed. Gr. Mo, ■ ■ ! deliberatic goedgevonden, dat welgemelde syne Hoogbeid ter mndiflatii sal werden gebaald, ende geintroduccert by icmant uit de Ordre nr '. de Heeren Edelen, mitsgaders van de Heeren van Dordreoht ai ; Alckmacr.
Syne lloogheid zynde ter audientie geintroduceert als vooren, ksi eerst mondeling gedaan ende daar na schriftelyk overgegeerea • volgende propositie.
Edele Groot Mogende Heeren.
Na dat by de respective Provincien ingebragt zyn geweest ta* Geueralitcit der selver Provinciale advysen op het stuk van den 8ta*» van Oorlog, mot den gevolge en aanklccvcn van dien, en daar & \ bevonden is geweest, dat de ses andere Provincien daar in ten àatfi van U. Ed. Gr. Mo. warcn discrepeerende. hadden Wij, sijn ExodleB* tie Stadhouder eude den Kaad van Staate, gaarao gesien, dat deopp* mcldc Provincien malkanderen onderlinge dies aengaande hadden ur* staan, ende is ook daar foc aanleidinge gegeeven; maar 't heeft U* Ed. Gr. Mo. belieft sulks te praeterieeren, ende voor het subit BcfcndoL van der selver jongstc Staats^cwysc Vergaderinge voor te neemen eenige sépara te liccnticeringc en reductio van *s Lands krijgsvolck, soo te paarde als te voct, ook descive in "t werk te stellen, waar over dt Ho. Mo. Heeren Staatcn Generaal, onder andere devoiren. genood-
Mtt iyn geworden te decreteereu ecn seer notable besendinge aan aile k 8teeden en Leeden van U. Ed. Gr. Mo. Provincie, om deselve met ille bedenkelycke reedeneu te beweegen tôt nader resumptie van het faon, geheele werk, en dat sy haar dienvolgens willen onthouden van 1U0 separate cassatie, verminderinge of veranderinge van 't voorsz. bfptalk, aïs weesende in dienste van de Generaliteit, ende bet gecne fcr contrarie van dien sonde moogen zijn voorgenoomen, laaten vaaren, opdat aile eendragt, rnst en noodige onderlinge eenigheid onder soo «de ende vertronwde Bondgenooten mogte werden geconserveert, eu te gemoet getreeden aile 't geene dat contrarie van dien, boven vernoeden soude moogen volgen.
In welcke gœde en opregte intentie Wy Ons persoon in de voor- ■oemde besendinge meede hebben laaten employeeren, en daar toe getreeden weesende, hebben wy ons in de meergenoemde besendinge cerst geroaden binnen de stad Dordrecht, en zyn van daar vcrtrokken mit de stad Gornichem, in consideratie van de viciuiteit van die |>liitien.
En syn ona in de selve Stad koomen vinden de Heercn Oetges « fiasse laar, voorsien met Creditiven van de Agtb. Heeren Bur- Reneateren eo Raad der Stad Amsterdam, en hebben du geracide tvee Heeren Ons, jegens aile verwagtinge, iterativelyk en klaarlyk aangeseid, dat sy Ons, nog ook de anderc Ueercn de voorsz. besendinge ook bekleedende, biunen de voorsz. Stad Amsterdam, niet en mdea inlaaten.
Hier op is nog verder gevolgt, dat de Heeren Geelvinck en SpiegeJ, geajccompagneert met den Secretaris, Ons zyn komen vinden t*t Edam, versoekeude dat Wy de bovengenoemde Stad Amsterdam ■Jet soaden willen aandoen, maer de selve voorby passeren, op dat de Migistfaat der selver Stad niet genootsaakt en soude werden ietwes te doeo, dat Ons miscontement soude geeven. Doch dics niettegen- •Uande zijn Wy, met de andere Heeren van de meergenoemde besendinge, binnen de meergenoemde Stad Amsterdam gekoomen.
Alwaar de Heeren Burgemcestcreu Ons voor Oas persoon hebbeii terweUekomt, mot verklaaringe van Ons als Stadhouder te outfangen, <*k vervolgens eenige demonstratic van uitcrlyckc cere gcdaan.
Miar versogt weesende om Ons, als ook aan de anderc Heeren van <b meergenoemde besendinge, te willen verlecnen audientic in den volleo Raad der meergenoemde Stad, hebben sulks geweigert.
Wiar naar by Ons in qualité als Stadhouder over U. Ed. Gr. Mo. frovincie zynde versocht audientie in deu vollen Raad,
Op een point, daer van Wy hun tôt der selver meerder contentement pnealable openinge hadden gedaen.
Hebben Ons voorgenoemde versoek in deliberatie van vollcu Raad geleid.
Ende zyn de Heeren Burgemeesteren , vergeselschapt met eenL^ Hcereu uit de Magistraat der mcergenœmde Stad Amsterdam, <&L< anderen daags Ons koomen vinden, en verklaart de audientie, i qualité als Stadhouder, niet te konnen accordeeren.
Welke proceduren verre verscheelen van die van de andere Steede van U. Ed. Gr. Mo. Prov.ncie, dio alic biunen hun ressort, of dawe buiten respective, Ons als Stadhouder vrundelyk hebben gepreeenteor en aangebooden audientie.
Dies Wy Ons des te meer ten hoogsten beswaard en gegraveeif vinden by de boovengenœmdc aansegginge en weigeringe respective; vau wcegen de Stad Amsterdam gcdaan, als strydeude jegens Onae digniteit en respect, strekkende notoirlijck tôt ons Feraoons kJdoagtingo, ook vilipeudie, bchalven dat het is een ongebruik, ooitofooit ten reguarde van Onse Predccesscuren in charge niet gepleegt; en oter sulks hebben Wij noodig geagt U. Ed. Gr. Mo. jegenwoordig Staste* gcwîjse vergadert weseude, allô het selve mils deesen bekent te ma* keu, ook te versocken ende desireren, dat U. EcL Gr. Mo. die vu à opgemelde regeeringe der meergenoemde Stad Amsterdam datr toa willen disponercn, ook houden, om diesaangaande te doen beboorljki reparatie ende satisfactie. Vert rouw ende dat U. Ed. Gr. Mo. kkr oa * ten spoedigsten sullcn willen dolibereeren, ooek resolveeren 1).
geteekent P. d'Orange. .';
Waar op zyndc gedelibereert, is goedgevonden, dat aande Heoai van Amsterdam, sulks versoekende, sal werden toegestaan, ende îfli toegestaan by desen, copie van d'opgemelde propositie, omme ta oo* municeeren daar en soo het behoord.
Ende werden de llccreu van Amsterdam versogt hare conaiderati» dicnthalvcn met de cerste gelcgeutheid ter Vergaderinge in te 1
1 Van Aitzeina dit de ce rapport «diu uicn uyt den styi wel konde merekeni nacmucls Lccft bevunden mgestcld te syn dour den griffler M use h" (III p. 434).