TESTAMENT DE LOUIS ELZEVIER
Nous donnons ici le testament de Louis Elzevier, en date du 12 juin 1670, dont nous avons retrouvé aux archives de La Haye (dans les papiers provenant de la Chambre des Orphelins de Leyde) une copie authentique, délivrée par le notaire Jean van Noort le 27 juin 1670. Cette pièce est inédite.
Ick Louis Elzevier acht nemende op de onseeckere uyre des doots, hebbe goedgevonden, dewyle ick myn verstant ende memorie volcoomen machtich ben, te disponeren van myne tydelycke goederen, verclare tselve te doen naar rype overlegginge, buyten inductie ende seductie van yemandt. Alvooren beveele myne siele in de handen myns Zalichmaackers, ende myn lichaam de aarde naar een eerlycke begraaffenisse, ordonnerende dat tselve sal werden gelecht soo het de gelegentheyt toelaat, in het graff, dat ik van meeninge ben te koopen in de kerck van 's Gravelant. Revocere voorts ende doe te niete aile testamenten ende andere wtterste willen, die ick voor desen gemaact soude mogen hebben, ende sulcx van nieuws disponerende , legatere aan den armen van ’s Gravelandt eene somma van ses hondert guldens , die ick wil dat onder goede verseeckeringe sal werden beleyt, ende dat de interessen ofte renten, daarvan procederende, jaarlycx sullen werden geemployeert, tsy tôt incoop van cledinge, decksel om de voorz. armen te distribuerez ofte oock in gelde, naar dat deiaconen oorbaarlycxst sullen achten, Bespreeckende verders aan myne dienstmaachden, hovenier en knechten, die ten tyde van myn overlyden in myn dienst sullen syn, yeder een rouwkleet tôt discretfe van de exécuteurs ende voochden hiernaar genoemt. Ende aangaande Maartgen Daniels, die soo lange by my heeft gediend, indien zy op myn sterfdach noch by myn woont, maacke ick boven een rouwkleet, eene somma van vier hondert guldens jaarlycx, soo lange als sy leeft, ingang nemende van myn sterfdach aff, willende dat aan haar deselve somma jaarlycx by de exécuteurs van mynen testamente sal werden uytgekeert ende voldaan. Noch legatere aan deselve een goet bedde, peuluwe, beddecleet, twee deeckens, twee oorcussens, drie paar slaaplaeckens, twaalff servietten, ende eenigen huysraat van stoelen, potten en pannen, ende van de slechtste schilderyen tôt discretie van de exécuteurs. Maacke aan Louis, soone van myn neef Daniel Elzevier, van dewelcke ick peter ben, een silvere vergulde kop van Neurenburgh gecoomen, ende daarenboven een somma van duysent guldens, die ick wil dat tôt syn behoeve sal werden beleyt, ende capitaal en
LES BIOGRAPHIES
interessen aan hem uytgekeert, wanneer syn vader, ende by syn overlyden de voochden tselve sullen oorbaar achten. In aile myne verdere goederen, die ick sal coomen naar te laten, roerende ende onroerende, actien ende crediten niets uytgesondert , hebbe ick geinstitueert, gelyck ick institueere mits desen, in een gerecht derdepart myne suster Maria Elzevier, ende in de twee resterende derdeparten, de kinderen van myn suster Barbara zalr, geprocreëert by Frederick Beerninck, de kinderen van myn broeder Pieter zalr, mitsgaders mynen neve Daniel Elzevier, omme zonderlinge redenen myn daertoe moverende, aile hooft voor hooft ende voorts in gelycke gedeelten by representatie in plaatse van haar afgestorven vader ende moeder respective, het kint ofte kinderen van Justus Beerninck mynen neve ende Margarita Elzevier myne nichte beyde zalr ged : ende by ’t overlyden van yemant van myn voors. erfgenamen, soo instituere ick in desselfs plaatse hare kinderen ende wettige descendenten by representatie. Is vorder myn begeeren dat myn hoffstede met het land daaraan gelegen, by my gecoft van d’Heer Johan van Helmondt zalr, aismede myn oopen ende toe-speelwagens, karretge, de twee paarden, met aile tgunt tôt gebruyck van de voorz. wagens, karretge ende paarden is behoorende, item aile den huysraat ende inboedel, mitsgaders aile het ongemunt zilver zal blyven onverdeelt, ende dattet vruchtgebruyck ende besittinge van deselve hofstede, lant ende tgunt hiervoren is uytgedruckt sal genooten werden by myn suster Maria voornoemt, haer leven lang geduyrende, des dat sy sal gehouden wesen het huys, boogaart, tuynen ende ’t voors. landt, selfs te gebruycken sonder aan yemandt te verhueren, voorts behoorlyck te onderhouden, te mesten ende cultiveren, gelyck een goet tochtenaar naar rechten schuldich is, ende by gebreecke van dien, geve aan de exécuteurs van mynen testamente volcomen macht ende authoriteit omme tselve tharen costen te laten doen naar behooren. — Is noch myn willen ende begeeren dat naar het overlyden van myn suster de voors. hofstede ende landen, item huysraet ende inboedel, ende silverwerck, haar hiervoren gemaact, ter bequamer tyt sal werden vercoft, ten meesten oorbaar van myn erfgenamen, ende wanneer de exécuteurs van mynen testamente tselve sullen geraden vinden, ende dat de penningen daarvan procederende, onder myn voors. erfgenamen, in manieren als vooren sullen werden verdeelt. Vorders soo wil ick ende ordonnere mits desen wel expresselyck , dat de goederen die myne nichte Willemina Beernings, huysvrouwe van Jan de Bruyn, proffessor tôt Uytrecht, item de kinderen ende descendenten van myn neve Justus Beerninck, mitsgaders de kinderen van myn nichte Margrieta voornoemt, uyt crachte van de opgemelte institutie ofte substitutie van
myn sullen erven, sullen syn ende blyven subject fideicommis ende restitutie, ende sonder aftreck van trebellejanique portie, tselve wel expresselyck verbiedende, intgeheel moeten coomen ende devolveren op haar wettige kinderen ende descendenten , ende by gebreecke van deselve op haar broeders ende susters, ende derselver descendenten, by representatie, ende aile deselve ontbreeckende op de kinderen en descendenten van de andere staack, die int leven sullen syn, mede by representatie, ende die aile deficierende op myn naaste bloedvrunden ende erfgenamen ab intestato, aile deselve ende yegelyck van hun daarinne substituerende by desen, welverstaande dat den voorn : professor de Bruyn, soo hy syn huysvrouw mochte overleven, van de voors. fideicommissare goederen sal hebben ende genieten het vruchtgebruyck, hem hetselve in soodanigen gevalle maackende ende bespreeckende by desen; wille en ordonnere noch, dat myn erfgenamen volcomentlyck sullen hebben te acquiesceren aile de reeckeningen, die met myn voorn : neve Daniel Elzevier sal geslooten hebbe, niet willende dat eenige herreeckening sal geschieden. — Is mede myn wil ende begeren, dat denselven mynen neve aile de boucken, die wy te samen met ons beyden, of met andere in compaignie hebben gedruct, ons int gemeen competeerende, sal vermogen aan te nemen ende beneffens syn gedeelte behouden, voor soodanigen prys als deselve voor drucken en papier hebben gecost, sonder eenigen interest, ofte yet meerder ofte verder, ende dat hy tgunt deselve sullen coomen te bedragen mitsgaders tgeen ten tyde van myn overlyden daarenboven schuldich sal syn, sal vermogen af te leggen ende te betalen met een somma van vyf duysent guldens jaarlyks, wel meer maar niet minder, met byvouginge van de verloopen interessen tegen vier ten hondert int jaar; Eyntelyck hebbe gestelt tôt exécuteurs van mynen testamente, mitsgaders tôt voochden over myn minderjarige erfgenamen, en tôt curateurs over aile toesicht behouvende, myne neven Johannes de Bruyn, Daniel en Willem Elzevier ende totten doen van de scheydinge de heer Daniel van Ceulen, professor in de rechten in de Universiteit tôt Leyden, mitsgaders den voorn Willem Elzevier, gevende deselve soodanige macht als voochden ende exécuteurs naar rechten toecomt, met macht omme by t’afsterven off onvvillicheyt van d’een, of d’ander, in des afgestorvens of onwilligens plaatse, een ander te verkiesen, specialyck van deselve versouckende, datse myne landen niet en vercoopen, soolang deselve soo laagh van prys als tegenwoordich syn, maar een jaar drie of vier sullen insien, op hoope deselve meerder sullen connen gelden, willende dat aile tgeene voors. is by de exécuteurs ende voochden voorn1 sal werden gedaan buyten kennisse ende
LES BIOGRAPHIES
moeyenisse van eenige magistraten, weeskameren ende aile anderen, die naer rechten off coustumen opsicht over myn naar tê laten boedel ende myne geinstitueerde ofte gesubstitueerde erfgenamen, soude mogen competeren, aile deselve excuserende mits desen; Eyndelyck behoude aan my de macht omme desen mynen testamente te veranderen, vermeerderen, ofte verminderen, willende dat aile tgunt ick naar desen sal coomen te maacken, voor een ofte meer getuygen, oock onder myne handteeckeninghe alleen, van gelycke cracht ende waarde sal syn ende gehouden werden, alsof het in desen ware ingelyft. — Aile tgeene voors. is , verclare te wesen myne wtterste wille, begerende dat deselve sal valideren ende effect sorteren, tsy als testament, codicille, gifte uyt saacke des doods, ende soo yemants wtterste wille best bestaan mach, desen vermits myn accident, by een anders hant doen schryven, ende nadat ick tselve hadde geleesen ende geexamineert, bevonden hebbende met myn wille ende intentie volcoomentlyck te accorderen. In kennisse der waarheid met myn gewoonlyck hantteecken bevesticht, binnen de stadt Leyden op den i2n Juny xvic tseventich. Onder stond : Louys Elzevier. In de rugge stont : In den name des Heeren Amen. Op den xnen Juny des jaars xvic tseventig, des avonts de clocke omtrent acht uyren, compareerde voor my Johan van Noort, notaris publicq, by den Ed: Hove van Hollant geadmitteert, binnen de stadt Leyden residerende, ende voor de nabeschreve getuygen d’heer Louis Elsevier woonende op ’s Gravelant, ende jegenwoordich synde binnen deser stede , hebbende syn been gebroocken , doch syn verstant redenen ende memorie wel machtich ende gebruyckende , sulcx uytwendich bleeck, my vertoonende ende ter handen stellende, dit jegenwoordich toegevouwen papier, ’t welcke ick op syn versoeck, op zeven distincte plaetsen met myn signet in rooden lacque toegesegelt ende geslooten hebbe, verclarende hy comparant daarinne door eens anders hant geschreven, ende met syn gewoonlycke onderteekeninge bevesticht te syn, syn testateurs testament, laatste ende wtterste wille, die hy begeerde ende expresselyck ordonneerde by desen, dat naar syn comparants overlyden, in aile deelen naargecoomen, valideren ende effect sorteren sal, tsy als testament, codicille, gifte ter saacke des doots, ofte eenige andere gevinge off maackinge, ende soo yemandts testament alderbest ende crachtichst can bestaan, al waren aile solemniteyten naar rechten gerequireert, daarinne niet volcoomen geobserveert, ende niet jegenstaande yets ter contrarie. Versochte derhalven hy comparant hiervan kennisse gedragen, ende by my notaris dit opschrift gemaact te werden. Aldus geschiet binnen de stadt Leyden, ten huyse van den heer proffessor van Ceulen in
presentie van Sienolphus Moser, ende Cornelis Lepel, Mr Stadts chirurgins, dewelcke verclaarden den comparant seer wel te kennen, ende deselve te syn, als hem hiçr vooren is noemende, zynde deselve als getuygen hier over beneffens my notaris versocht. Onderstont Louys Elzevier, Sienolphus Moser, Cornelis Lepel. Lager stond, twelck ick getuyge, ende was geteeckent J. van Noort. Nots: pub. 1670.
(Onder stond)
Vergeleecken ende gelyckmatich bevonden metten originelen testamente met myns Notaris eygen hant geschreven. Alsmede mette originele acte van subscribtie, respective, beyde gedateert ende geteeckent als vooren, huyden den xxvnen Juny xvic tseventich. By my (was geteekend) J. van Noort. Nots. pub. 1670.
DANIEL ELZEVIER